Sprookjespoëmen 1920-1922

Marina Tsvetajeva

gebonden: € 24.50: GRATIS verzending! (NL)
ISBN: 978-90-6143-399-6, geïllustreerd, 352 blz., January 2015
Formaat: 22.5 (h) x 15.5 (b) x 3.0 (d) cm. Gewicht: 690 gram.

Uitgever: Uitgeverij Pegasus

inleiding: Jos Holtzer

vertaald door: Jos Holtzer; Lena Lubotsky

Sprookjespoëmen 1920-1922

Marina Tsvetajeva (1892-1941) is een van Ruslands grootste dichteressen. In haar omvangrijke oeuvre nemen de poëmen, naast lyrische poëzie, toneelstukken en autobiografisch materiaal, een belangrijke plaats in. In de jaren 1920-1922 werkte zij aan een aantal langere gedichten met een sprookje als uitgangspunt, de Sprookjespoëmen De Tsaar-Jonkvrouw, Op een rood paard, Steegjes en De jongen. Buiten De jongen zijn deze poëmen niet eerder in vertaling verschenen. Naast de vertaling zijn ook de teksten van de sprookjes waar de poëmen op gebaseerd zijn opgenomen.

In alle vier poëmen gaat het om ‘Liefde met een hoofdletter’. Voor Tsvetajeva was lichamelijke liefde slechts belangrijk als uitvloeisel van de hoogste vorm van liefde, de liefde van de ziel. Ze eiste een zodanig hoog niveau van liefde, dat haar relaties hier telkens op stuk liepen. In De Tsaar-Jonkvrouw loopt de liefde stuk op het zwakke karakter van de Tsarevitsj en op diens gebrek aan hartstocht. In Op een rood paard wordt aangegeven dat voor het bereiken van de hoogste geestelijke waarden al het aardse geofferd moet worden. In Steegjes komt de geliefde, die kennelijk niet aan de hoogste eisen voldoet, als een rund buiten de deur te staan. Alleen in De jongen wordt aan het hoogst bereikbare voldaan: de geliefden verliezen zich samen in een eeuwig blauw vuur.

Figuren/plaatjes:


achterflap

Meer boekennieuws op Facebook.

ingezonden mededeling: